


Het icoon part III: VW Beetle 2.0 TSI
De geschiedenis van de Volkswagen Kever zit in het collectief geheugen van gelijke welke autofanaat gebeiteld; Adolf Hitler gaf destijds aan Ferdinand Porsche de opdracht een wagen voor het volk te maken. De Kever was het antwoord van de ontwerper, die later zijn familienaam zou verbinden aan één van de grootste sportwagenfabrikanten aller tijden. Het model, waarvan het eerste exemplaar in 1938 van de band rolde, zou maar liefst 65 jaar lang de productielijnen vullen en werd de op één na best verkochte auto ooit! De alleraatste van de in totaal 21 529 464 gebouwde exemplaren zag het levenslicht op 30 juli 2003 in Mexico, terwijl terzelfdertijd in Europa de New Beetle toen al 5 jaar gefabriceerd werd. Sinds eind 2011 breit VW een nieuw hoofdstuk aan het succesverhaal en is de 3e generatie, kortweg Beetle genaamd, verkrijgbaar in de showroom.
Het moederhuis Volkswagen gaf de ontwerpers echter een uitdaging mee voor dit model alvorens de heren tekenaars terug naar hun natuurlijke habitat te sturen; de looks van het stijlicoon respecteren maar het model wel een mannelijker look aanmeten om zo het imago van de vorige New Beetle als ‘ultimate chickcar’ van zich af te schudden. Het resultaat van hun design is zonder meer ingrijpend; de Beetle is 1,2 cm lager, 8 cm breder en maar liefst 15 cm langer dan zijn directe voorganger. Ook de ronde contouren blijken deels weggebeiteld door de langere daklijn en de rechter geplaatste voorruit. Daardoor evolueerde de typisch bolvormige cabine naar een meer ellipsvormig geheel, wat vooral de ruimte voor de achterste passagiers ten goede komt. Toch zijn de optische wijzigingen onvoldoende om het model niet meer te herkennen in het straatbeeld; door de ronde voorlichten, de afgeplatte neus en de typische bolle wielkassen spot je hem in no time. Wel spijtig dat VW zich weinig moeite getroostte om hun topmodel wat meer te onderscheiden van de minder krachtige Beetles, aangezien je enkel aan de dubbele uitlaat en de rode remklauwen zeker kunt weten dat de 2-liter krachtbron onder de motorkap ligt. Dat het model echter nog steeds tot de verbeelding spreekt, mochten we zelf ervaren toen we de proef op de som namen en even door een drukke winkelstraat toerden: draaiende hoofden, wijzende vingers en zelf een occasionele thumbsup confirmeerden de populariteit van dit model…
De sfeer binnenin ademt - noblesse oblige - een mix uit van modern en retro; de gebruikte materialen en de technologie zorgen voor een hoogstaand ergonomisch gevoel terwijl bepaalde elementen van het interieur een stevige knipoog zijn naar het originele model, zoals het handschoenkastje met de klep die naar boven opent. De tellerpartij bestaat uit een kleine toerenteller, een nogal groot uitgevallen benzinemeter aangevuld met de grote centrale snelheidsmeter en een boordcomputerscherm. We missen echter wel een meter die temperatuur van water of olie aangeeft, wat bij sportieve modellen toch geen overbodige luxe is. Qua onderstel en aangeboden motorisaties ontdekten we echter geen verrassingen: het platform van de VW Golf doet opnieuw dienst als basis en ook de motoren en bijhorende specs plukten de ontwerpers weg bij andere modellen uit de VAG-stal. Naast 1 type dieselmoter - de 1.6 TDI van 105 pk - is de Beetle beschikbaar in 3 benzineversies met turbolader; de 1.2, de 1.4 en tenslotte de 2.0. Die laatste versie beschikt enkel over een automatische DSG-versnellingsbak en is niet verkrijgbaar met manuele bak. Het is tevens ook net die versie met 200 pk die VW ons enkele dagen ter beschikking stelde als krachtigste model in de reeks.
Een mens zou verwachten dat een wagen met het onderstel van een Golf en de motor van een Golf GTI ook stuurt en reageert als een Golf GTI. Toch is het rekensommetje hier niet zo eenvoudig als één plus één is twee. Een aantal details zorgen er immers voor dat het niveau van deze Beetle niet kan tippen aan dat van een Golf GTI; allereerst is er de DSG-automaat. Bij de Golf GTI kan je met DSG opteren voor 3 verschillende schakelmogelijkheden: de wagen alle werk zelf laten opknappen, zelf schakelen met de pook of schakelen met flippers achter het stuur. Bij de Beetle valt deze laatste mogelijkheid weg wegens het gebrek aan flippers. Aangezien we destijds al opmerkten dat schakelen met de pook ons nogal onlogisch leek – je moet duwen om op te schakelen en trekken om terug te schakelen, exact het omgekeerde dus dan de meeste systemen – ben je dus zo goed als veroordeeld om de bak in automatische modus te laten. Zet je de bak in sportstand, dan krijg je zelfs al geen keuze meer en moet je de bak verplicht zelf laten schakelen. Geen flippers te ontdekken dus, maar jammer genoeg ook geen knopje om de tractiecontrole en ESP uit te schakelen. Je hoeft er dus niet aan te denken om bij een natte ondergrond de limieten op te zoeken, want het systeem grijpt meteen in. Bij droge omstandigheden geeft de wagen je iets meer vrijheid, maar zodra je de achterkant van de wagen een fractie in onbalans brengt of er onderstuur dreigt omdat je iets te snel op het gas gaat, word je meteen weer tot de orde geroepen. Een funkiller dus… Verder ligt het stuur niet zo goed in de hand, omwille van een te kleine diameter van de stuurgreep. Het stuur had dus iets dikker gemogen, net als de zijdelingse steunen van de zetels. Die bieden bij vloeiende binnenwegen en een stevig tempo net iets te weinig zijdelingse steun, ook al moet het gezegd dat ondergetekende van het magere type is.
Toch wel enkele serieuze minpunten dus, maar daar staan ook enkele positieve eigenschappen tegenover. De wagen ligt bijzonder goed op de baan; de vering is stevig en de brede 19 inch banden bieden veel zijdelingse grip. De DSG voelt elke gasimpuls bijzonder goed aan en reageert telkens heel alert; heb je nood aan power, dan volgt razendsnel een kickdown gevolgd door een stevige acceleratie waarbij de bak door de versnellingen raast. Vanuit stilstand accelereert de Beetle dan ook in 7,5 seconden tot 100 km/u. De motor is met zijn 200 pk voldoende krachtig en het standaard opgegeven koppelcijfer van 280 Nm voelde aan alsof het meer was. Het motorgeluid, dat in hoge toeren vaag doet denken aan dat van een boxermotor, klinkt anders dan bij de Golf GTI maar blijft sowieso sportief en de tussentijdse plofjes bij gangwissels strelen nog altijd de trommelvliezen. Ook de binnenruimte is een aangename plaats om te vertoeven; er is veel ruimte en de afwerking van alle instrumenten is hoog. Wel stelden wij behoorlijk wat windruis vast bij snelwegverkeer, wat veroorzaakt wordt door de ramen van de deuren die geen metalen omlijsting hebben en bij het openen van de wagen licht zakken zoals bij bepaalde cabrio’s. Net als bij concurrent Mini biedt de constructeur de mogelijkheid aan de klant om zijn wagen volledig te personaliseren en dat via de website www.myownbeetle.be.
Wie hip en trendy wil zijn anno 2012 en aan dat imago liefst nog een pittige motor wil linken, dient daarvoor toch een stevige duit op tafel te leggen. De basic Beetle met de 2.0 TSI kost 25880 EUR, terwijl de prijs van ons testmodel voorzien van o.a. navigatie, 19 inch velgen, comfort pack en parkeersensoren al een flink eind boven de 31.000 EUR klom. Toch menen we dat dit model niet zomaar een aanvulling wordt in het gamma van de constructeur uit Wolfsburg; de huidige Beetle heeft namelijk 2 belangrijke troeven in handen ten opzichte van zijn voornaamste retro concurrenten, zijnde de Mini en de Fiat 500. De Beetle spreekt met zijn looks immers meer dan ooit ook een mannelijk publiek aan en kan er als enige van het retrotrio prat op gaan dat ie 4 volwassenen comfortabel kan huisvesten voor een lange rit. Keerzijde van de medaille is dan weer dat niettegenstaande de wagen pittige prestatiecijfers en een sportieve inborst kan voorleggen, het allemaal wel nog iets scherper en krachtiger zou moeten om als volwaardige hot hatch bestempeld te kunnen worden. VW gooide immers enkele essentiële details van de Golf GTI overboord, en laat het nu net die details zijn die ervoor zorgden dat de Golf zijn stempel als GTI verdiende. Maar goed, VW pretendeert ook geen ultrasportieve variant te hebben geproduceerd met deze Beetle. Toch zou het hothatchpubliek die perse een Beetle wil in de toekomst nog licht aan het eind van de tunnel kunnen zien. Wij hopen immers op een mogelijke opvolger van de gelimiteerde New Beetle RSI, die destijds de 3.2 V6 uit de Golf R32 onder de motorkap had liggen. Concrete plannen zijn er (nog) niet, maar een Beetle R met de 2-liter van 265 pk uit de Scirocco R zouden wij alvast behoorlijk kunnen smaken! Misschien dat dit verhaal dus nog een aangenaam staartje krijgt…
Tekst en foto's: Bjorn Willaert - januari 2012
|
